14/06/2026
Ik krijg soms de vraag: "Wat moet je nu eigenlijk doen aan geloofsopvoeding?" En eerlijk? Als ik sommige lijstjes op internet zie, krijg ik spontaan het gevoel dat ik tekortschiet.
Bijbellezen. Samen bidden. Christelijke muziek luisteren. Kerk. Bijbelse feestdagen vieren. Voor je het weet, heb je een weekplanning waar een gemiddelde minister jaloers op zou zijn.
Ik groeide zelf niet op met geloofsopvoeding. We gingen niet naar de kerk en er werd thuis niet uit de Bijbel gelezen. Toch leerde ik op mijn achttiende God kennen en leef ik nu zo dicht mogelijk bij Hem.
Betekent dat dat geloofsopvoeding niet belangrijk is? Nee, want wat had ik graag eerder geweten dat ik altijd bij God terecht kon. Maar het haalt wel de druk van mijn schouders.
We zijn soms geneigd om geloofsopvoeding ingewikkeld te maken. Maar als een kind leert lezen, beginnen we ook niet met een encyclopedie. De basis van geloofsopvoeding zit niet in een perfect programma, maar in het beleven van geloof. Kinderen kijken veel minder naar wat wij zeggen dan naar wat wij doen. Ze zien hoe we reageren als dingen misgaan. Ze horen of we bidden wanneer we ons zorgen maken. Ze merken of God een plek heeft in ons dagelijks leven.
Een paar eenvoudige ideeën:
Lees een kort Bijbelverhaal tijdens het ontbijt of voor het slapengaan. Stel daarna één simpele vraag.
Luister zelf naar een podcast of preek of lees uit je Bijbel terwijl de kinderen spelen. Grote kans dat ze half meeluisteren. Kinderen hebben radaroren.
Hang een mooie Bijbeltekst op in huis. Kinderen leren veel van wat ze dagelijks zien.
Bid hardop, gewoon zoals je bent. Zelfs een gebed als: "Heer, help me vandaag een beetje geduld te hebben," is geloofsopvoeding.
En als dit niet lukt? Dan nog mag je ademhalen. God vraagt niet van ons dat we perfecte ouders zijn. Hij vraagt ons om Hem te volgen.
"Ik heb geplant, Apollos heeft begoten, maar God heeft laten groeien." – 1 Korinthe 3:6
Wij mogen zaaien. God zorgt voor de groei. En gelukkig is Hij daar een stuk beter in dan wij.
Liefs, Aisha