05/09/2026
Mick Jagger, Rob de Nijs en de Dolly Dots kwamen in zijn iconische zaak: kleurrijke winkelier kiest voor nieuw leven in Frankrijk
za 5 sep, 07:00 · leestijd 9 minuten Portret Zaterdagportret Voorlezen
Daniel Banen: “Laat mij maar lekker hier een beetje prutsen.”
Daniel Banen: “Laat mij maar lekker hier een beetje prutsen.” Foto’s: ©️ Bastiaan Miché / Foto Miché
Altijd dacht Daniel Banen dat hij ‘tot het einde der tijden’, zoals hij zelf aangeeft, in zijn winkel Diggers & Collectors in Hilversum te blijven. “Maar nu”, zegt hij, “na 45 jaar en sinds twee jaar een hele lieve vriendin is het misschien tijd om het veld te ruimen.”
Het is bloedheet op deze dinsdagmorgen wanneer Daniel Banen de deuren van zijn winkel aan de Herenstraat opent en de verschillende producten die hij verzamelt tentoonspreidt. “Alles is te koop”, lacht de 60-jarige Hilversummer. Zijn kat Flores staat, vast aan het lijntje, eveneens bij de deur. “Dat is hij wel gewend. Wij wonen tegenover Gooiland, daar is het veel te druk met die rotonde. Hij is dit gewend, gaat mee varen, fietsen of met de auto. Ik heb hem nu acht jaar. Als ik ‘s ochtends vraag of hij meegaat naar het werk, miauwt hij en gaat mee of hij vlucht meteen.”
Het is deze dag, middenin de zomervakantie, rustig in de winkel waar - als je van voor naar achteren wandelt - maar geen eind aan lijkt te komen. “Het is een mooie verzameling”, zegt Banen over alle kleding en al het fraais dat er staat. “Gelukkig komen er toch nog mensen langs, de winkel doet het goed. Ik had een tijdje terug een dief die een jurkje probeerde te stelen. Het filmpje (van de bewakingscamera, red.) daarvan ging viral. Allerlei media zijn vervolgens langsgekomen en daardoor ben ik nu in een heel ander algoritme gekomen. Als ik nu iets post wordt dat meteen duizenden keren bekeken. Het is zo’n mooi filmpje, ik reageer ook heel accuraat. Toen die vrouw hier kwam met haar Audi zag ik ‘trouble’ op haar voorhoofd staan.”
Nog altijd ziet Banen de winkel als ‘zijn hobby’, echter over twee jaar zal hij hiervan afscheid nemen. Samen met zijn vriendin Cleo zal hij verhuizen naar Frankrijk; waarschijnlijk richting de Dordogne waar vrienden wonen, al is Normandië ook nog een optie. “Vorige week zagen wij nog een huis in Normandië te koop staan dat wij dachten ‘wow’. Daar betaal je hier zo twee of drie miljoen voor, maar het stond daar te koop voor dat bedrag waarmee je hier een doorsnee garage koopt. Ik dacht altijd dat ik hier in mijn winkel dood zou gaan, want het is gewoon mijn hobby. En kijk, ik kan hier wel vijftig jaar blijven staan. Of zestig jaar. Maar 45 jaar is op zich wel genoeg. Dus dan wordt het 47 jaar Hillywood.”
En waarom dan Frankrijk? “Dat wil mijn vriendinnetje graag. Ik zou zelf ook wel in Italië of Portugal kunnen gaan wonen, maar zij is fervent Frankrijk-fan en ik ben ook heel erg veel in Frankrijk geweest, houd ook van Frankrijk. Mijn oom en tante hadden een huis in de Dordogne en daarom wil ik ook eigenlijk naar die streek. Het is daar zo prachtig en mooi.”
De mediastad daarentegen is er in zijn ogen niet bepaald op vooruit gegaan. “Hilversum is echt saai”, is het oordeel, en de bereikbaarheid is - helemaal sinds de kleine spoorbomen dicht zijn voor autoverkeer - ‘een drama’. “Vrienden met kleine kinderen wonen in de buurt van de kleine spoorbomen. Man, als ik daar zou wonen, was ik echt woest geweest. Want het is verschrikkelijk natuurlijk. Je ziet ook dat mensen van buiten Hilversum niet meer hier naartoe komen. Vroeger had ik hier drie auto’s tegen mijn pui aan staan. Ik had ook nog de winkel aan de overkant. Mensen kwamen vanuit heel Nederland naar Hilversum, maar omliggende gemeentes hebben allemaal gratis parkeren of de blauwe schijf. En wij betalen hier gewoon echt goed geld voor ieder uurtje dat wij hier staan.”
‘Je ziet ook dat mensen van buiten Hilversum niet meer hier naartoe komen’
“En kijk eens naar het Hilvertshof”, vervolgt Banen. “Wat is daarvan over? Als je tien of vijftien jaar geleden daar liep was het er altijd druk. Nu, als ik ‘s ochtends naar mijn winkel loop, is het er uitgestorven. Nee, het is heel vaak te stil in Hilversum en dat hebben wij te danken aan het beleid. Sommige dingen duren ook veel te lang. Kijk naar de Kerkbrink. Daar zijn zij nu al maanden mee bezig. Jongen, in Japan leggen zij een heel kruispunt in één weekend aan. Ik begrijp het niet. Die Kerkbrink kun je toch binnen een paar weken afronden.”
Een geboren Hilversummer is Banen overigens niet. De ondernemer vertelt dat hij opgroeide in Huizen en op zijn dertiende voor het eerst in zijn huidige winkel in het centrum van Hilversum kwam. Hij ging er eigenlijk nooit meer weg. “Op mijn vijftiende werd me gevraagd of ik een zaterdagje wilde helpen en nu - 45 jaar later - sta ik hier nog. Mijn toenmalige baas had die dag iemand aan de lijn die ziek was en vroeg of ik even wilde helpen. Wij hadden sowieso heel lekker contact.”
Drie winkels
Nadat hij aanvankelijk koos voor het volgen van een kappersopleiding - ‘ik knipte toch al de halve school, was altijd bezig’ - koos Banen uiteindelijk dus voor het kledingvak. “Een paar jaar later kocht ik de winkel en voor ik het wist had ik er drie winkels bij. Daarvoor nam mijn ex-baas mij op mijn zestiende mee naar de Sohobuurt in Londen om kleding in te kopen. En allerlei artiesten die hier kwamen kopen. Wij gingen naar beurzen in Parijs en op een gegeven moment liep ik langs allerlei mensen waarbij ik dacht ‘hier kan ik wat van leren’. Het is heerlijk om in steden bij waanzinnige feesten en modeshows te mogen rondhangen en dingen te zien die andere mensen helemaal niet meemaken.”
(Tekst gaat verder onder de foto)
Daniel Banen en Flores. (Foto: ©️ Bastiaan Miché / Foto Miché)
Want welke bekende Nederlander kwam er niet in de zaak aan de Herenstraat? “Ik heb van Rob de Nijs tot en met Mick Jagger in het winkeltje gehad, alle meisjes van TMF en alle belangrijke families uit het hele Gooi: van John de Mol tot en met de Brenninkmeijers. Ik sprak toevallig laatst een oud-personeelslid die zei dat toen hij nog bij mij werkte ik aan hem vroeg of hij wat langer kon blijven. Er zouden straks nog wat mensen komen. Toen kwamen de Dolly Dots. Hij zegt: “Stonden zij daar in hun lingerie. Ik wist niet waar ik moest kijken. En wij die meiden aan- en uitkleden.” Dat was hem zo bijgebleven. Ik kan het mij zelf niet eens meer herinneren. Maar je komt hier altijd gekkenhuizen tegen en veel modellen. Die zijn gewend om in hun slip door te passen dus dat doen zij ook gewoon hier in de winkel.”
‘Toen kwamen de Dolly Dots. Hij zegt: “Stonden zij daar in hun lingerie. Ik wist niet waar ik moest kijken’
Maar ook internationale artiesten maakten kennis met Banen en zijn winkel. Hoogtepunt was dan toch wel Mick Jagger. De zanger van The Rolling Stones kwam een keer toen hij in de Wisseloord Studio’s opnam. “Hij wilde hier een leren jack kopen. Hij kwam hier naar binnen met een bodyguard en trok een leren jack aan dat ik klaar had hangen. Ik was daarvoor gebeld door een plugger dat-ie een leren jack nodig had. Hij trok er een paar aan, kocht er één en het was binnen een paar minuten beklonken.”
En laatst kwam er nog een bekende zangeres uit Frankrijk, zegt Banen, van wie hij even de naam is vergeten. “Ook Johnny Manuhuta (bekend van de band Massada, red.) komt hier al veertig jaar. Ik heb hier zo veel leuke ontmoetingen. In een winkel als deze weet je nooit hoe je dag zal verlopen. Pas als je thuis bent, weet je hoe het is geweest.”
Merkje of tachtig
Misschien, als hij in Frankrijk woont, zal hij een boek schrijven over zijn tijd in Hilversum. “Ik had over drie winkels een merkje of tachtig en reisde me helemaal te pletter om die winkels op peil te houden. Vroeger hadden wij natuurlijk geen internet en had ik klanten die iedere week langskwamen om te kijken wat wij allemaal verzamelden. Toen had ik ook nog drie of vier man personeel. Nu zie je ook allemaal zakken op de grond staan. Die moet ik nog uitpakken. Vroeger ging dat de hele dag door. Tegenwoordig duiken mensen ‘s avonds achter hun laptop en bestellen van alles bij Alibaba en weet ik veel wat voor rotzooi allemaal. Ik heb gelukkig heel veel klanten die bij mij willen voelen aan dat zijden, katoenen of linnen artikel. Ik verzamel geen plastic, tenzij ik het heel prachtig vind.”
Blij is Banen ook dat hij niet meer zo veel als vroeger hoeft te reizen. Het was leuk die tijd, maar - zegt hij - op een gegeven moment werd het ook wel ‘moeten reizen’. “Nu reis ik alleen als ik er zin in heb. Dat komt ook doordat ik zo veel mensen ken. Als je dertig of veertig jaar met iemand zaken doet, weet ik precies wat ik nodig heb. En of je nu in Italië of Baarn zit; jij Facetimet met mij en ik koop een collectie bij je. Ik kan met heel weinig moeite een collectie vullen. Je ziet met deze winkel ook dat ik nog steeds denk dat ik drie winkels heb. Hij is zo ontzettend lekker vol. Ik houd daarvan.”
Nu hij de leeftijd van 60 jaar heeft bereikt, is het moment daar om - zoals hij zegt - ‘te gaan verkassen’. Banen voelt zich gezond en heeft weer de energie, nadat hij onlangs voor de tweede keer is gedotterd. “In oktober ben ik voor de eerste keer gedotterd. Mijn rechter kransslagader zat toen helemaal verstopt. Ik heb toen geen hartaanval gekregen, omdat er toch een heel klein stroompje naar mijn hart was blijven gaan. En helaas was er drie maanden geleden aan de linkerkant een heel kruispunt ingestort en toen heb ik een stent geplaatst gekregen. Laten we hopen dat het nu gelijk klaar is.”
Banen vertelt dat hij op zijn 23ste chemotherapie kreeg vanwege lymfeklierkanker. Door die chemo zijn zijn aderen beschadigd. “Gelukkig heb ik er wel 37 jaar aan vast weten te plakken, maar het is een gegeven dat de chemotherapie van toentertijd je aderen vernauwt. In de afgelopen jaren, als ik bloed of een infuus ingeprutst moest krijgen, was dat ook duidelijk te merken. Ik word meestal met een vlindernaaldje geprikt, waar je ook babytjes mee prikt. Mijn aderen liggen heel diep verscholen. Het is te hopen dat ik niet meer gedotterd hoef te worden. Dat is geen pretje en in Frankrijk wordt dat ook weer lastiger. Hier ben ik binnen acht minuten bij Tergooi. Als ik daar 200 kilometer moet rijden, wordt het een heel ander dingetje.”
(Tekst gaat verder onder de foto)
Daniel Banen: “Je ziet met deze winkel ook dat ik nog steeds denk dat ik drie winkels heb.” (Foto: ©️ Bastiaan Miché / Foto Miché)
Tegenwoordig runt de Hilversummer in zijn eentje de winkel van dinsdag tot en met zaterdag. Hij doet er - zegt hij - lekker zijn ding. “Moet je kijken hoe ik hier rondloop; op mijn slippertjes, kort broekje. Het is net alsof ik naar het strand ga. Morgen wordt het 32 graden. Misschien ben ik morgen wel dicht. Ik kan anticiperen hoe ik het op dat moment wil hebben. Het bevalt mij uitstekend. En of die zak met spullen nu vandaag uitgepakt wordt of morgen is niet belangrijk. Het kan best zijn dat de eerstvolgende klant vraagt wat er in die zak zit en dat ze er iets uittrekken, weet je wel.”
Banen adviseert wel om nooit te veel personeel in je omgeving te creëren. “Daar word je niet zo heel blij van. Ik was toen nog jong en besef achteraf dat ik het nooit zo groot had moeten laten worden”, kijkt hij terug. “Met personeel moet je altijd het voortouw nemen, altijd zorgen dat ze aan de gang blijven. Want anders kost het helemaal veel geld. Personeel hebben als kleine ondernemer is bijna onbetaalbaar, terwijl de grote jongens met alles wegkomen. Gelukkig kan ik alles nu heel goed betalen, maar in het verleden heb ik weleens gehad dat ik weer zo veel tienduizenden euro’s moest betalen en dat me dat even niet uitkwam. Maar ik ben blij dat ik het nu zo heb: geen stress, geen gezeikt en lekker mijn dingetjes.”
‘Personeel hebben als kleine ondernemer is bijna onbetaalbaar, terwijl de grote jongens met alles wegkomen’
De enige op wie hij nu moet letten, is Flores de kat. Hij woont zelf in het centrum van Hilversum, zijn vriendin in Utrecht. Samenwonen in Nederland is geen optie. Beiden hebben een kat en als hij bij haar of zij bij hem intrekt, kan dat leiden tot gedoe tussen de twee katten. Daarom gaan zij pas samenwonen als zij naar Frankrijk verhuizen, is het plan. Zijn dochter Noalisa (21) gaat in ieder geval niet mee, weet Banen nu al. “Zij gelooft niet dat ik naar Frankrijk ga. Zij denkt dat ik te veel verknocht ben aan mijn winkel. Dat ben ik ook wel. Ik heb er 45 jaar lang van genoten, heb het nooit als werk ervaren en vind het erg leuk om mensen te stylen. En ik vind het gewoon lekker om met mensen te werken, zou helemaal doodgaan als ik op de 23ste verdieping achter een laptop de hele dag zou moeten zitten. Nee, laat mij maar lekker hier een beetje prutsen. Ik vind het heerlijk.”